Fel roze roos

Mag ik van u alstublieft het kleinste, liefste en mooiste bosje bloemen dat u heeft? Ik wil er graag gipskruid  bij want dat staat zo lief. Het is voor op het grafje van een babymeisje.

‘Och jee, gecondoleerd, wat erg’…

‘Ja’ zeg ik ‘dat is echt zó erg’…

Het is 8,5 jaar geleden dat deze moeder in verwachting was van haar tweeling, en voor eeuwig afscheid moest nemen van haar dochter.

 

De moeder vertrouwt mij haar verhaal toe.

Laatste keer teentjes tellen, laatste keer met je vinger langs de wimpertjes, met je vingertop voorzichtig het neusje aanraken, buikje, knietjes, rugje bekijken. De kin die ze herkent in haar eigen. Ervoor zorgen dat alles wat je dochter is, in je opnemen, en nog een keer, en nog een keer opdat je niet vergeet.

 

En wat lijkt ze op haar broertje.

Het dode lichaampje koesteren, aankleden en wikkelen in een doek.

 

Ik ben altijd onder de indruk van moeders die vertellen over het doodgaan van hun kind. Of het nou een miskraam is, gestorven bij, hoeveel weken dan ook, of kort of lang na de geboorte. Het laat een onuitwisbare diepe indruk bij mij achter.

Mijn hart ploft uit elkaar van respect en liefde voor het kindje wat niet in deze wereld mocht bestaan en de ouders die het hebben moeten loslaten.

 

‘Ik kan mij niet indenken hoe dat zou moeten zijn, maar het moet het ergste zijn wat je kan meemaken als mens’ zegt de lieve bloemenvrouw terwijl ze zorgvuldig de roze roos omringt en vastbindt met nog meer kleinere bloemetjes.

Ze vertelt dat haar kinderen tijdens de zondagse wandeling wel eens op het kerkhof willen kijken naar de grafjes van de kinderen, en dat ze dan verbijstert zijn over hoe jong ze soms nog waren.

Ik zeg tegen haar dat ik blij ben dat ze dit toestaat, omdat ze zo al heel jong meekrijgen dat de dood met ons is.

 

Ik neem twee lieve kleine mooie bosjes mee…echt hele kleintjes. één voor het mooie lieve kleine babymeisje en één voor de moeder.

 

Ik weet inmiddels dat je juist de namen hardop ‘moet’ noemen van de kindjes die er niet meer zijn, maar geloof me ik dacht in het verleden ook: ‘ik wil de ander niet aan het huilen maken omdat ik zijn of haar naam noem’.

Hoe jong het babymensje ook was, het heeft een plek gehad in de buik of kortstondig op deze wereldbol, je bent trots op je kind. Trots. Zo trots als een pauw en dat zag ik vanochtend in de ogen van de vrouw waarmee ik naar het grafje van haar dochter ben geweest. En dan wil je juíst de naam van je kind horen, omdat ze er was. Ze heeft even geleefd en daar ben je zó enorm trots op.

 

Mijn hart raakt verwarmt als mensen mij hun verhaal durven te delen.

Bloemenmevrouw: ‘meer kan je niet doen denk ik, een bloemetje kopen en samen het grafje bezoeken’.

‘En luisteren’ zeg ik

Luisteren

Luisteren….en erbij blijven

Durf vragen te stellen

Wees geraakt

Ik voel de tranen achter mijn oogbollen prikken

Zo’n oersterke vrouw met haar bruisende ogen vol levenslust en trots

Ik voel kriebels langs mijn armen van diep respect voor haar proces

Wat een mooi kindje ligt daar en wat erg dat zij zo’n mooie moeder missen moet

 

Voor altijd dankbaar,

En in liefdevolle herinnering draag ik deze tekst aan moeder en kind op.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *